interviews

04 juli 2008

BEGEERTE DIE ONS AANRAAKT

We waren in Roermond. We, dat willen zeggen: Ronald Giphart, Bart Chabot en ik. Onze theatertournee was op een haar na gevild. Vanavond nog, dan volgende week Delft en daarna Breda en het was volbracht.

Het was een zwoele avond, daar in Roermond. We zaten op een terras vlakbij het station. Het wachten was op Bert Natter, een vriend van Giphart die vanavond voor de gezelligheid even uit Utrecht overkwam om onze show te zien en daarna de lange reis huiswaarts mee te maken. Nachtelijk Nederland doorkruisen, is een ervaring die vriendschappen glans geeft.

Daar was Bert.

En hij was niet alleen, maar in gezelschap van zijn debuutroman: Begeerte heeft ons aangeraakt. Hij had vier exemplaren keurig in een leren aktetas zitten. De boeken waren zo vers als boeken maar kunnen zijn: die ochtend van de binder gekomen. De geur die uit die tas opsteeg, is een geur die schrijvers tot de mooiste geuren in hun leven rekenen. De geur van voltooiing, de geur van belofte. Ik ken geen schrijver die niet voor hij begint te bladeren in zijn nieuwe kind er eerst even aan ruikt.

Bert had voor ons alledrie een in de trein gesigneerd exemplaar bij zich, en het vierde exemplaar was van hem zelf, het echte eerste boek, en daar had hij tijdens de reis nog maar eens in gelezen. Eerlijk is eerlijk, sprak hij timide, hij was er tevreden mee, hij had een goed boek geschreven.

Je zou zeggen: dát weet een schrijver op het moment dat hij voor het laatst de drukproeven met de koerier meegeeft, maar dat is niet zo. Dat is juist een moment waarop een wurgende onzekerheid in zijn intrede kan doen. Voor het eerst echt tevreden, trots of (desnoods) bang is de schrijver pas als hij het boek als boek in handen heeft.

We feliciteerden Bert.

We dronken op Bert.

We gunden het Bert.

Daarna werd er gegeten en wandelden we door stille straten naar het theater waar we moesten spelen. De zaal zat vol, en we deden ons best. Meer zat er niet op, en waarom zou je je best ook niet doen? Daarna inpakken en wegwezen, de nacht in, huiswaarts.

Begeerte heeft ons aangeraakt.

Het is een regel uit de Internationale, een regel die je niet vaak hoort. Dat de verworpenen der aarde ontwaken, dat weet iedereen. Dat oude vormen en gedachten moeten sterven, het is bekende koek. Maar dat de wereld op nieuwe krachten steunt (nog net niet natuurlijk, de Internationale moet immers nog heersen), dat hoor je al minder vaak en dat zulks het resultaat is van begeerte die ons heeft aangeraakt, dat vind ik ronduit verrassend. De begeerte die ooit een handjevol rijken was voorbehouden, die is nu van iedereen.

En kijk om je heen, en stel vast dat het zo is. Als iets gemeengoed is geworden, als iets is gedemocratiseerd, is het wel de begeerte - die verschrikkelijke hebzucht die, verdomd als het niet waar is, zo goed is voor de economie. Ja, laat het kapitalisme maar schuiven.

Begeerte heeft ons aangeraakt - een prachtige titel voor een boek. Ik heb er inmiddels vijftig pagina's in gelezen en het terzijde gelegd. Het beste bewaar je voor de finale, heb ik geleerd, ooit, toen de begeerte mij nog niet had aangeraakt. Het beste boek lees je op vakantie als laatste. Af en toe kan ik bovendien aan Bert Natter in Roermond denken. En hoe hij die aktentas opende, en hoe die geur van het nieuwe er uit opsteeg. Tegen alle verdrukking in worden er altijd maar weer mooie dingen gemaakt, zo ruikt die geur. Koopt allen dit boek, en snuif die geur op.

Geschreven op 04 juli 2008