interviews

13 oktober 2007

PEEPSHOW IN PUTTE

Laatst was ik in Putte. Putte zonder N, dus niet het Putten op de Veluwe. Putte zonder N ligt in de gemeente Woensdrecht, ten zuidenoosten van Bergen op Zoom, niet ver van Hoogerheide. Het is een grensdorp. Rij de weg af en je bent in Antwerpen. Er is weinig over Putte te zeggen, maar er is wel een uitspanning die Grenszicht heet. Dat is natuurlijk een prachtige naam voor een kroeg. En vanuit Grenszicht kun naar de grens kijken: een witte kalklijn op de straat, middenin Putte. Aan de overkant van de streep heet het Putte Stabroek. Er staat een groot bord: De provincie Antwerpen heet u welkom. Ik had geen zin de grens over te steken, sterker nog: ik was nog niet in Putte of ik wilde Putte weer verlaten.

Dat deed ik om kwart over tien. Ik was er vroeg bij die dag. Bij het verlaten van Putte passeerde ik diverse sexshops. Een stuk of zes. Kennelijk voldoet Putte in een behoefte. Halverwege het dorp, tegenover een Spar en naast een slager floepte net een grote neonverlicht aan toen ik voorbij kwam: Peepshow Open. Nogmaals: het was kwart over tien, misschien een paar minuten later. Ze zijn er vroeg bij in Putte, ging het door me heen en daarna dacht ik aan de regering en de strijd tegen de sexualisering van de samenleving.

Ik stopte.

De peepshow maakte deel uit van een hartelijk gesorteerde winkel in erotica; het bekende werk. Achter de toonbank zat een frisse jongeman en achterin de zaak stond een keurige heer in de DVD-bakken te zoeken. Hij had zich net zo goed in een muziekwinkel op de klassieke afdeling kunnen bevinden. Alle tijd, de rust zelf, een kenner op zoek naar precies dat ene stukje Mozart. De peepshow was boven, en de dame van dienst was vandaag Eva. Er hing een mooie kleurenfoto van haar naast de trap. Voor 12,50 was ze in aktie te zien. Ik betaalde de jongeman, en hij begon te telefoneren. "Ze is bijna klaar," zei hij, "nog een paar minuten." Om de tijd te doden, liep ik wat langs de zwepen en martelwerktuigen. Het was nog steeds geen half elf. Het was me zwaar te moede.

"Kom maar," hoorde ik een vrouwenstem in de verte roepen.

Wie A zegt, moet B zeggen, heb ik geleerd, dus daar ging ik de trap op. Je moet er wat voor over hebben om de werkelijkheid te doorgronden. Het is een tranendal van begin tot einde. Aldus schokbestendig betrad ik een kamer met een oud ribfluwelen bankstel en een tissuedispenser aan de muur. Vanaf de bank had ik zicht op een enorme ruit, van vloer tot plafond. Achter die ruit brandde rood licht en er stond een ghettoblaster op de grond. Een deur ging open en daar was ze: Eva. Ze deed de deur achter zich dicht en wiebelde naar het glas.

Ze was een jaar of veertig, Rubensiaans dik en gekleed in een rubberen, roze jurkje. Ze had een CD in haar hand die ze in de ghettoblaster stak. George Michael begon te zingen, en Eva trok langzaam haar jurk uit. Toen hij rond haar voeten viel, struikelde ze er bijna over. Onder de jurk droeg ze niets behalve een miniscuul, roze slipje. Ook dat ging uit op de klanken van de muziek. Ze schudde met haar enorme borsten, die waren duidelijk echt. Ze draaide rond en streelde zichzelf. Zo te zien had ze het koud. Ik wel in ieder geval. Ze keek stoicijns recht naar zichzelf. Aan haar kant was de ruit een spiegel. Toen het liedje afgelopen was, stond ze stil. "Er zijn nu diverse relaxmogelijkheden," zei ze op een toon waar weinig enthousiasme in doorklonk. Ze stond erbij alsof ze zometeen door Rineke Dijkstra gefotografeerd ging worden.

"Dank u," zei ik beleefd en ik liep snel de trap weer af. Beneden zat de jongeman nog steeds achter zijn toonbank. De liefhebber van klassieke muziek had zijn stukje Mozart nog altijd niet gevonden. Ik keek op mijn horloge en zag dat het eindelijk half elf was. Buiten lag Putte er onveranderd bij. Zelf was ik ook niet veranderd, maar wel ineens bijzonder treurig gestemd. Wat een leven moeten sommige mensen leiden, wat een geploeter is het toch.

Geschreven op 13 oktober 2007