14 september 2006
EEN SCHAT DIE MAN
We troffen de premier van alle Nederlanders temidden van appels en peren in een supermarkt in Olderbekoop - Friesland. Over de ins and outs van de fruitafdeling werd hij bijgepraat door een geestelijk gehandicapte jongen, een vriendelijk type dat naarmate de uitleg over het wegen en prijzen van bananen en tomaten vorderde, roder aanliep, maar Balkenende gaf geen krimp, knikte hem aanmoedigend toe, en glimlachte vriendelijk.
Voor de deur van de supermarkt had zich intussen een oploopje gevormd van jonge moeders met kleine kinderen, oude heren in korte broek, op de fiets, en samenscholende dames op leeftijd die alles beter wisten. Achter hen allen bevond zich het noeste kerkje van Olderbekoop, omgeven door een vet groen veld waaruit op sommige plekken een scheve grafzerk stak. De zon scheen uitbundig. Nooit eerder had een minister-president Olderbekoop aangedaan.
Balkenende was hier in verband met een kort werkbezoek aan Friesland. Eerder bezocht hij een gaarkeuken in Leeuwarden, waar hij hielp met het uitserveren van maaltijden aan daklozen, het ziekenhuis in Drachten en het Van der Valk-hotel aldaar waar hij met ondernemers sprak en de nacht doorbracht. Nu was hij hier, omdat supermarkt Attent geheel en al draaiend wordt gehouden door geestelijk gehandicapten. Olderbekoop heeft daarmee een belangrijke funktie behouden, de mensen hoeven niet naar Gorredijk of Wolvega om boodschappen te doen, en de gehandicapten komen de maatschappij in.
Hij zag er goed uit: donkerblauw pak, roodwitblauwe stropdas, zwarte schoenen (maat 42), wit overhemd en zijn nieuwe bril. Zonder noemenswaardige problemen of gène onderhield hij zich met het winkelpersoneel, in keurige rode jasjes gestoken. Bij de schappen met aardappelen bijvoorbeeld ging het zo:
Balkenende: "Wat een hoop aardappelen, en wat veel verschillende soorten."
We telden inderdaad bintjes, eigenheimers, malta's en nicola's, in zakken van vijf en zakken van tweeenhalf kilo - keurig in het gelid, de vakken tot de nok gevuld.
"Ze zijn ook wel eens allemaal op," zei de blozende gids in zijn rode jasje. Naast hem stond inmiddels een klein, mongloide meisje met prachtige strikken in heur haar en een beslagen brilletje op haar neus. Ze keek glunderend om zich heen.
"En wat doe je dan?" informeerde Jan Peter ongelovig, "zeg je dan dat de mensen maar op rijst moeten overgaan?" Zelf moest hij er om lachen, en daarna iedereen met hem, want dat is de humor van Jan Peter: niet geweldig, maar wel zodanig dat je met hem meelacht, want er schuilt niets kwaads in, en hij bedoelt het goed: iets dat het publiek herkent, en waardeert. Zelf zijn ze tenslotte ook niet de leukste thuis, maar dat het ijs af en toe gebroken dient, begrijpen ze allemaal.
Na afloop was er nog even tijd om de regionale media te woord te staan. Die begonnen natuurlijk meteen over de voorsprong die Balkenende sinds zondag in de peilingen op Bos heeft. "Ach," zei hij, "ik doe gewoon mijn werk. Ik ben een blij mens, en een blijde premier. Het gaat beter met Nederland. Maar verder relativeer ik mezelf hoor. Je moet gewoon jezelf blijven."
Dat gezegd hebbende ging hij met de twintig personeelsleden van supermarkt Attent op de foto. De toegestroomde bevolking van Olderbekoop keek goedkeurend toe. Misschien is het inderdaads Balkenende's geheim dat hij gewoon zichzelf is gebleven. Zijn onhandigheid herkent iedereen, maar zijn betrokkenheid is niet geveinsd. Het is een schat, die man.
Geschreven op 14 september 2006

