29 december 2005
LANGS HET DAMSTERDIEP
Daar reed ik ineens langs het Damsterdiep
Zoals bekend tussen Groningen en Delfzijl
Ik kwam uit de richting van Delfzijl
Voor mij reed een meubelbedrijf
In dromen kun je wonen, stond op de wagen
En ik vroeg mij dat af
Zoals ik mij ook afvroeg of dat smalle slootje
Waarlangs ik reed nu werkelijk het Damsterdiep was
Dat bleek het geval, zo leerde
Een bordje bij een brug in Ten Boer
Waar ook een enorm
Asielzoekerscentrum is gevestigd
Iets verderop, aan mijn linkerhand stonden
bomen keurig in het gelid, op een soort dijk
En daar lag het Eemskanaal waarvan
Ik altijd dacht dat
Dat het
Het Damsterdiep was
Niet dus.
Hier en daar in het vlakke natte land
Dreven zwanen rond in plassen, altijd in paren
Van verre waren ze al te zien: twee witte vlekken
Knus bij elkaar, de lange halsen zo kort mogelijk
Tegen de koude wind
Aan de horizon tekenden zich de stad af
De kerktorens en de Rijksdienstgebouwen
In het Damsterdiep intussen
Dreef af en toe een meerkoet voorbij
En ook was soms sprake van een
Stel eenden, mannetje en vrouwtje
Kortom - natuur genoeg
Nu kwam ik bij Ruischerbrug en Lewenborg
Een buitenwijk waar ik ooit woonde in een flat die
Vorig jaar werd gesloopt - de foto's van het
Instortende gebouw zag ik in de krant
Iets verderop komen overigens Eemskanaal
En Damsterdiep samen, wat verklaart dat
Ik als student verliefd en dronken langs het
Water liep, en langs het ijs ook, want winters had je
Twintig jaar geleden nog
Dit alles overdacht ik bij het stoplicht Ruischerbrug
En Lewenborg, met voor me een vrachtwagen vol
Dromen die linksaf moest - de brug over.
Geschreven op 29 december 2005

